Boete staat opnieuw centraal in de internationale containervaart. Containerrederij Maersk heeft met de Amerikaanse toezichthouder FMC een schikking getroffen van 1,9 miljoen dollar vanwege mogelijke overtredingen van de Amerikaanse Shipping Act. De zaak draait om detention-toeslagen die volgens de autoriteiten onterecht in rekening zouden zijn gebracht bij derden in de logistieke keten.
Detention-kosten ontstaan wanneer containers later worden teruggebracht dan contractueel is afgesproken. Tijdens de coronaperiode liep dit onderwerp volledig uit de hand. Havens stonden vol, terminals liepen vast en truckers reden soms letterlijk rondjes zonder plek te vinden om lege containers in te leveren. Ondertussen bleven de rekeningen gewoon doorlopen. Voor veel bedrijven voelde dat alsof ze moesten betalen voor een probleem waar ze zelf nauwelijks invloed op hadden.
Volgens de Federal Maritime Commission heeft Maersk ingestemd met een zogenoemde ‘civil penalty payment’. Daarmee erkent de rederij officieel geen schuld, maar de schikking gaat wel gepaard met terugbetalingen en kwijtscheldingen aan getroffen partijen. Ook zou Maersk hebben toegezegd om deze werkwijze stop te zetten en toekomstige naleving van de regels te waarborgen.
Daarnaast wil de rederij de voorwaarden in haar bills of lading verduidelijken. Dat klinkt administratief, maar juist in die documenten ontstaan vaak discussies over aansprakelijkheid, vrije dagen en aanvullende kosten. In de praktijk blijken kleine lettertjes soms miljoenen waard.
Hoewel 1,9 miljoen dollar fors klinkt, lijkt Maersk er relatief mild vanaf te komen. Concurrent MSC kreeg eerder namelijk een veel hogere boete opgelegd van ruim 22 miljoen dollar. Daarmee laat de FMC zien dat de Amerikaanse autoriteiten harder optreden tegen containerrederijen die volgens hen te ver gaan met aanvullende toeslagen.
Voor veel verladers ligt het onderwerp nog steeds gevoelig. Tijdens corona boekten containerrederijen recordwinsten, terwijl importeurs, transporteurs en expediteurs worstelden met vertragingen, overvolle terminals en torenhoge tarieven. In sommige gevallen moesten bedrijven duizenden dollars betalen voor containers die ze niet eens konden retourneren omdat terminals simpelweg geen ruimte meer hadden.
De zaak rond Maersk onderstreept dat toezichthouders wereldwijd kritischer kijken naar detention- en demurrage-kosten. Vooral in de Verenigde Staten groeit de druk op containerrederijen om transparanter te werken en klanten beter inzicht te geven in extra toeslagen.
Voor logistieke bedrijven betekent dit dat contracten, voorwaarden en operationele processen steeds belangrijker worden. Want uiteindelijk draait het niet alleen om containers verplaatsen, maar ook om wie welke kosten draagt zodra de keten vastloopt. En precies daar ontstaat meestal de discussie.
…detention heeft betrekking op het te laat retourneren van containers buiten de terminal. Demurrage gaat juist over containers die te lang op de terminal blijven staan?
Blijf op de hoogte van containerdrukte, terminalcapaciteit en de ontwikkelingen in binnenvaart en zeevracht. Meld je nu aan: